Ondernemingsgeschil: voorlopig getuigenverhoor naast enquêteprocedure
Ondernemingsgeschil: voorlopig getuigenverhoor naast enquêteprocedure
Wanneer binnen een onderneming een ernstig geschil ontstaat, kan de behoefte aan bewijs snel groot worden. Zeker wanneer bestuurders, aandeelhouders en andere betrokkenen verschillende lezingen hebben van wat er is gebeurd. Een voorlopig getuigenverhoor kan dan een belangrijk middel zijn om duidelijkheid te krijgen over de feiten en de eigen procespositie.
Maar wat als er tegelijkertijd al een enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer loopt?
Die vraag speelde recent in een zaak rondom een chipproducent. De rechtbank Gelderland heeft het verzoek om een voorlopig getuigenverhoor gedeeltelijk toegewezen, maar daarbij wel duidelijke grenzen gesteld. De beschikking laat zien dat een enquêteprocedure en een voorlopig getuigenverhoor naast elkaar kunnen bestaan, maar niet zonder meer tegelijkertijd.
Lees de beschikking van de rechtbank Gelderland (ECLI:NL:RBGEL:2026:6842)
Wat speelde er?
Een chipfabrikant is onderwerp van een enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam. In die procedure wordt onderzoek gedaan naar het beleid en de gang van zaken binnen de onderneming.
Tegelijkertijd wilde de indirecte moedermaatschappij, twee bestuurders als getuigen laten horen. Dat was nodig om duidelijkheid te krijgen over onder meer de opeising van een lening van ruim 500 miljoen dollar en de mogelijke gevolgen daarvan.
Een voorlopig getuigenverhoor kan verschillende functies hebben. Het kan bedoeld zijn om vooraf bewijs veilig te stellen, maar ook om duidelijkheid te krijgen over de feiten en daarmee te bepalen of het zinvol is om een procedure te beginnen en tegen wie.
Dat laatste kan in ondernemingsgeschillen van grote betekenis zijn. Voordat een aandeelhouder of onderneming een kostbare procedure start, kan het immers belangrijk zijn om eerst beter zicht te krijgen op de feiten.
Een enquêteprocedure staat een voorlopig getuigenverhoor niet automatisch in de weg
Een belangrijk punt in de beschikking is het onderscheid tussen beide procedures.
Een enquêteprocedure bij de Ondernemingskamer heeft een eigen doel: onderzoeken of er gegronde redenen zijn om aan een juist beleid of een juiste gang van zaken binnen een onderneming te twijfelen. Een voorlopig getuigenverhoor bij de gewone civiele rechter kan daarentegen worden gebruikt om bewijs te verzamelen of de eigen rechtspositie beter te kunnen bepalen met het oog op een civiele procedure.
Dat betekent volgens de rechtbank niet dat het bestaan van een enquêteprocedure automatisch verhindert dat daarnaast een voorlopig getuigenverhoor wordt gehouden.
Dat is relevant voor aandeelhouders en bestuurders die betrokken zijn bij complexe ondernemingsgeschillen. Verschillende procedures kunnen immers verschillende juridische vragen beantwoorden. Het feit dat in de ene procedure onderzoek wordt gedaan naar het beleid binnen een onderneming, betekent niet zonder meer dat daarmee iedere mogelijkheid tot bewijsvergaring in een ander civiel geschil vervalt.
Wel moet worden voorkomen dat procedures elkaar doorkruisen
De rechtbank trok tegelijkertijd een duidelijke grens.
Het voorlopig getuigenverhoor mag pas plaatsvinden nadat de onderzoekers in de enquêteprocedure hun onderzoeksrapport hebben ingediend.
Daarmee wil de rechtbank voorkomen dat het getuigenverhoor het lopende onderzoek bij de Ondernemingskamer onnodig belemmert of vertraagt. De betrokken bestuurders zouden anders mogelijk tegelijkertijd hun medewerking moeten verlenen aan verschillende onderzoeken.
Voor ondernemingen en bestuurders is dat een belangrijk aandachtspunt. Wanneer meerdere procedures naast elkaar lopen, gaat het niet alleen om de vraag welke procedure juridisch mogelijk is, maar ook om de vraag hoe die procedures zich tot elkaar verhouden.
Een strategisch goed gekozen procesmoment kan daarbij minstens zo belangrijk zijn als het juridische middel zelf.
Het belang van het verzoek bepaalt de grenzen
De rechtbank wees het verzoek slechts gedeeltelijk toe.
Het voorlopig getuigenverhoor mag betrekking hebben op feiten die relevant zijn voor procedures bij de Nederlandse rechter over de terugbetaling van de lening en de eventuele schade die daaruit voortvloeit.
Voor andere onderdelen van het verzoek zag de rechtbank onvoldoende belang. Daarbij speelde onder meer mee dat degene over dezelfde gestelde schade al in China procedeerde.
De beschikking onderstreept daarmee dat een voorlopig getuigenverhoor geen onbeperkte mogelijkheid is om informatie te verzamelen. De verzoeker moet een voldoende concreet en rechtens relevant belang hebben bij het horen van getuigen.
Ook moet duidelijk zijn waarvoor de verkregen informatie kan worden gebruikt.
Extra aandacht voor internationale ondernemingsgeschillen
De zaak heeft bovendien een internationale dimensie, is gevestigd in Hongkong en er liep al een procedure in China.
De rechtbank overwoog dat een voorlopig getuigenverhoor bij de Nederlandse rechter niet uitsluitend kan worden verzocht ten behoeve van een procedure bij een buitenlandse rechter.
Juist op dit punt is de beschikking interessant voor internationale ondernemingen en aandeelhouders. Wanneer een zakelijk conflict zich over meerdere landen uitstrekt, is het verzamelen van bewijs vaak een ingewikkeld onderdeel van de strategie.
De uitspraak roept daarom ook de vraag op hoe de Nederlandse regels over bewijsvergaring zich verhouden tot grensoverschrijdende procedures. Over de uitleg van het nieuwe bewijsrecht kan in de praktijk nog discussie ontstaan.
Wat kunnen ondernemingen en bestuurders hiervan leren?
De zaak laat vooral zien dat het belangrijk is om bij een ondernemingsgeschil niet iedere procedure afzonderlijk te bekijken.
Een enquêteprocedure, een civiele procedure, een voorlopig getuigenverhoor of een procedure over bestuurdersaansprakelijkheid kan ieder een eigen doel hebben. Tegelijkertijd kunnen de procedures elkaar beïnvloeden.
Voor aandeelhouders, bestuurders en ondernemingen zijn daarom onder meer de volgende vragen van belang:
- Welke feiten moeten worden bewezen?
- Welke personen beschikken over belangrijke informatie?
- Is een voorlopig getuigenverhoor nodig om de eigen rechtspositie te bepalen?
- Loopt er al een enquêteprocedure of andere procedure?
- Kan een nieuwe procedure het bestaande onderzoek beïnvloeden?
- In welk land moet of kan worden geprocedeerd?
- En vooral: welke processtap is op welk moment het meest effectief?
Een voorlopig getuigenverhoor kan daarmee veel meer zijn dan alleen een manier om getuigen te horen. Het kan onderdeel zijn van een bredere processtrategie.
Ondernemingsgeschil? Denk verder dan alleen de hoofdprocedure
De beschikking maakt duidelijk dat ondernemingsrechtelijke geschillen vaak meerdere juridische lagen hebben. De vraag wie gelijk heeft, is slechts één ondede rechtbank Gelderland is daarbij een interessante ontwikkeling om te volgen. De verhouding tussen de enquêteprocedure en het voorlopig getuigenverhoor is hiermee in ieder geval opnieuw op scherp gezet.
Lees hier het volledige bericht van de Rechtspraak over de uitspraak in de -zaak.
Heeft u te maken met een zakelijk geschil, een conflict binnen een onderneming of een kwestie rondom bestuurdersaansprakelijkheid? Het is belangrijk om niet alleen naar de inhoud van het conflict te kijken, maar ook naar de juridische en strategische mogelijkheden om uw positie te beschermen.
Avinci Advocaten is al meer dan 20 jaar gevestigd in Rotterdam. Onze advocaten zijn eerlijk, betrouwbaar en hardwerkend, denken met u mee en nemen u zoveel mogelijk zorgen uit handen. Samen bekijken we welke aanpak het beste past bij uw zaak en zetten we ons in voor de best mogelijke oplossing. Samen gaan we de strijd aan!
