Het verschil tussen nietigheid en vernietigbaarheid in de Rijksoctrooiwet

Het verschil tussen nietigheid en vernietigbaarheid in de Rijksoctrooiwet

10 september 2019

In het octrooirecht lijkt niet te worden erkend dat er een verschil bestaat tussen nietigheid en vernietigbaarheid. Dit leidt tot juridisch onduidelijke situaties. Zo heeft deze uitwisselbaarheid in de praktijk geleid tot de mogelijkheid van het nietigheidsverweer, terwijl het voeren van een dergelijk verweer helemaal niet kan leiden tot de conclusie dat een octrooi nietig is. Het verschil tussen nietigheid en vernietigbaarheid in de Rijksoctrooiwet

HET EINDE VAN HET NIETIGHEIDSVERWEER?

Tot 1995 schreef artikel 51 van de Rijksoctrooiwet (hierna ‘Row (1910)’) voor dat een octrooi kon worden nietig verklaard. Dat werd bij de invoering van de Row (1910) een betere optie geacht dan vernietiging, zoals blijkt uit het zeer lezenswaardige rapport van de Subcommissie voor het Octrooivraagstuk (1903)1: ‘De heer Snijder acht ‘vernietiging’ hier minder juist. Dit woord is beter op zijn plaats, waar het tenietdoening van eene bestuurshandeling door het administratief gezag betreft.’ Het op te richten octrooibureau werd niet geacht onderdeel uit te gaan maken van ‘het administratief gezag’: ‘[u]itgegaan wordt hierbij van het denkbeeld, dat de octrooien verleend zullen worden door een zelfstandig college, het octrooibureau (…)’. Bij de invoering van de Rijksoctrooiwet 1995 (hierna ‘Row 1995’) werd de nietigheid gewijzigd en kan een octrooi ingevolge artikel 75 worden vernietigd. Aan het besluit om de nietigheid van de Row (1910) te veranderen in vernietiging in de Row 1995 blijkt geen andere overweging ten grondslag te liggen dan dat hiervoor is gekozen ‘[i]n verband met de terminologie van het Nieuwe Burgerlijk Wetboek’2; er werd derhalve aangehaakt bij de wens van de wetgever om in het burgerlijk recht het aantal nietigheden terug te brengen. ‘Inhoudelijk is er geen verschil’, voegde de wetgever daar nog aan toe. Wellicht is het terugdringen van de nietigheden gelukt, maar dat er inhoudelijk geen verschil zou zijn, waag ik te betwijfelen.

Er is echter wel degelijk een verschil tussen nietigheid en vernietigbaarheid. Iets dat nietig is (een rechtshandeling, overeenkomst, octrooi) wordt geacht van rechtswege nooit te hebben bestaan; er wordt fictief aangenomen dat het nimmer tot stand is gekomen. Vernietiging daarentegen heeft   terugwerkende kracht; het is wel tot stand gekomen, en dat wordt door een latere actie (de vernietiging) met terugwerkende kracht teniet gedaan. Dit verschil leidt ertoe dat iets dat nietig is, geacht wordt nooit rechtsgevolgen te hebben gehad, terwijl iets dat vernietigbaar is, bestaat en dus ook rechtsgevolgen oproept zolang het niet vernietigd is. De rechtbank gaat er kennelijk vanuit dat een octrooi met niet inventieve conclusies nietig moet worden geacht te zijn. Dan zou de redenering helder zijn; een nietig octrooi is nietig van rechtswege, zonder dat daarvoor een uitspraak van een rechter nodig is, en moet geacht worden nooit te hebben bestaan. De door de wetgever gekozen bewoording van artikel 75 Row 1995 betekent dat een vermeende inbreukmaker die ervan overtuigd is dat het octrooi niet geldt, een eis in reconventie moet instellen om de vernietiging van het octrooi te vorderen. Eerst dan kan de rechter dat uitspreken en zou door de terugwerkende kracht van die vernietiging geconcludeerd kunnen worden dat geen inbreuk mogelijk is. Tot die tijd is het octrooi van kracht en is inbreuk mogelijk.

Avinci Advocaten heeft veel zaken op gebied van bescherming van intellectueel eigendom, en dat kan variëren van bescherming van een merknaam of een ontwerp uit de fashion industry tot en met het vastleggen van een octrooi. Intellectueel eigendom is een gebied dat voortdurend verandert, met telkens nieuwe valkuilen en barrières. Internet, globalisering: de wereld wordt steeds kleiner en dus complexer. Want heeft iemand inbreuk gemaakt op uw ontwerp uit Australië? Op het eerste gezicht niet zo erg, tenzij de fabrikant voor dezelfde prijs en binnen drie dagen de producten ook in uw regio levert. Het gebeurt. Maar we denken ook aan kwesties over knowhow-bescherming, uitvindingen, handelsnamen, slaafse nabootsing, de toelaatbaarheid van reclame-uitingen en onrechtmatige publicaties. En wat denk je van een merken-strategie en het onderhandelen over samenwerkings- of licentieovereenkomsten? tegenwoordig moet je overal op voorbereid zijn en dat vraagt om een creatieve geest en alertheid.

Wat is het eigenlijk?
Intellectuele eigendomsrechten is een verzamelnaam voor een aantal rechten die je als bedenker van werk hebt. Het kan gaan om logo’s of naamgevingen die je voor het bedrijf hebt verzonnen.

De bescherming van intellectueel eigendom is met verschillende wetten geregeld. Deze bescherming wordt in wetten vastgelegd omdat alles wat onder intellectuele eigendom valt, jou of je bedrijf tijd en geld heeft gekost. Als je dit goed doet, levert dat je een voorsprong op de concurrentie op. Om te zorgen dat die voorsprong niet zomaar teniet wordt gedaan, is er Nederlandse, Europese en internationale wetgeving.
Voorbeelden
Voorbeelden van zaken die vallen onder intellectuele eigendomsrechten zijn:
  • De handelsnaam: de naam van de onderneming mag niet zomaar gebruikt worden door anderen.
  • De merken: het logo van het bedrijf of van specifieke producten is ook een intellectueel eigendom.
  • Auteursrechten: Alles wat wordt geschreven of ontworpen valt onder het auteursrecht. Daardoor mag een handleiding, advertentie of brochure niet zonder meer overgeschreven worden.
  • Model- en auteursrechten: dit geldt als je een nieuw uiterlijk voor een bestaand product ontwerpt.
  • Octrooi: hier valt meer over te lezen in het artikel over octrooien. Het gaat dan om een technische uitvinding die je op die manier beschermt.
Let op!
Het kan ook zijn dat je inbreuk maakt op andermans intellectuele eigendomsrecht. Laat het niet aankomen op een kort geding of schadevergoedingen maar laat je altijd goed informeren over de actuele marktsituatie en wat wel en niet mogelijk is.
Ook als er geen sprake is van een geschil kan Avinci Advocaten u helpen. Bijvoorbeeld bij het maken van geheimhoudings-overeenkomsten als u voorafgaand aan een samenwerking met een partner exclusieve informatie aan deze beoogde partner gaat verstrekken. Of door een licentie- of exploitatieovereenkomst als u anderen onder bepaalde voorwaarden het recht wilt geven om van uw intellectuele eigendommen gebruik te maken.Voor meer informatie neemt u contact met ons op, of bezoekt u onze thema site over intellectueel eigendom.

Avinci Rotterdam – Oudehoofdplein 4 – 3011 TM Rotterdam – T: 010 4777 755 E: Info@Avinci.nl

De Beneluxmerkenwet: Beschermt een naam of logo, of zelfs een bepaalde kleur of vorm van een product.
Bron:Intellectuele eigendom update   MKB